OVER HET REGLEMENT 2017

REGLEMENT 2017

Het reglement van de Supercar Challenge pb Hankook 2017 is volledig en in de Engelse taal op deze site te downloaden in PDF formaat om het vervolgens netjes te kunnen printen.

Klik hier voor het reglement 2017 Supercar Challenge pb Hankook

Klik hier voor de aanvulling op het reglement 2017

Voor de GT&Protoype Challenge is er een apart reglement. Hierbij wordt er gereden onder het Nationaal Benelux Reglement en rijders kunnen daardoor met een Nationale licentie deelnemen aan de races.

Klik hier voor het reglement 2017 GT&Prototype Challenge

Klik hier voor de aanvulling op het reglement 2017 voor de GT&Prototype Challenge


Het algemeen en technisch reglement voor seizoen 2017
Om een indruk te geven waaraan de deelnemers van de SC dienen te voldoen volgt hieronder een verkorte versie van het reglement 2017.

De Supercar Challenge heeft tot doel, op basis van een eenvoudig technisch reglement het racen met een zo groot mogelijk diversiteit van merken en modellen van auto’s mogelijk te maken. Door middel van een verdeling in vier divisies op basis van een verhouding tussen gewicht van de auto en het motorvermogen, in combinatie met een resultaat afhankelijke handicap regeling, wordt een zekere onderlinge competitieve gelijkwaardigheid van de wagen nagestreefd.

Er kan deelgenomen worden met zogenaamde GT’s en Toerwagens (Super GT's en Sportscars hebben eigen reglement - GT&Prototype Challenge) verdeeld in vier divisies. Alle wagens dienen te voldoen aan de in het Technische Reglement gestelde eisen. Door de grote verscheidenheid aan auto’s is gekozen voor een objectieve indeling op basis van de ‘gewicht/vermogen’ verhouding. Op deze wijze wordt getracht om een zo eerlijk mogelijke gelijkheid te krijgen van de deelnemende auto’s binnen een klasse. De doelstelling is dat de rijder cq. gastrijder de meeste invloed moet hebben op het resultaat en niet het type auto.

Hierom heeft de organisator VRM het recht van deze indeling op basis van de verhouding tussen het vermogen en gewicht af te wijken en extra of minder belast gewicht toe te wijzen. Indien een inschrijver cq. rijder en/of gastrijder met een auto door het motortype of bijzondere wegligging eigenschappen een onredelijk voordeel of nadeel zou hebben t.o.v. de andere deelnemers in die klasse kan de promotor besluiten de deelnemer een hoger of minimum gewicht op te leggen of hem cq. haar te plaatsen in een hogere of lagere klasse. Tegen deze beslissing is geen beroep mogelijk.

Om een auto in een divisie in te delen wordt de volgende formule gehanteerd: Formule berekening: Gewicht in KG / Vermogen in PK aan de wielen = Waarde. Het gewicht is gebaseerd op een rijklare auto met rijder inclusief vijf liter brandstof, dit kan tijdens een evenement op elk willekeurig moment worden gecontroleerd: tijdens de technische keuring, na de tijdstraining en na de race.

Het vaststellen van het motorvermogen
Het vaststellen van het motorvermogen via een rollenbank is altijd een momentopname. Doordat het motorvermogen de kern is van het reglement is in samenwerking met Ingenieurbureau Esquisse het Powerlog systeem ontwikkeld. Het bestaat uit een klein kastje wat in alle racewagens wordt gemonteerd. Met behulp van een G-krachtsensor, een gyroscoop en een GPS ontvanger voor o.a. het meten van de snelheid wordt via de gebruikelijke natuurkundige formules het vermogen berekend. Immers het gewicht van de wagen inclusief rijder is bekend en door de acceleratie te meten is eenvoudig het vermogen terug te rekenen.

Het grote voordeel van dit systeem is dat het gedurende het gehele weekend meet en manipulatie uitgesloten is.

Gedrag, race-incidenten en protesten
Van toepassing is het Reglement Rijgedrag uit het ASJ 2017. De promotor VRM heeft het recht om een rijder die in strijd met de geest van de klasse handelt, onder opgaaf van redenen, verdere deelname aan de Supercar Challenge te weigeren. Onsportief gedrag of het in gevaar brengen van andere deelnemers kan en zal niet getolereerd worden. Ten aanzien van race-incidenten, overige misdragingen door deelnemers en protesten hanteert de organisator minimaal hetgeen gesteld is in het ASJ voor het geven van straffen.

Naast de standaard straffen is de wedstrijdleider bevoegd de keuze te maken welke straf wordt toegewezen of hiervan af te wijken al naar gelang de omstandigheden dit vereisen.

Verplichte pitstop bij een wedstrijd over 60 minuten
Gedurende de race is het verplicht minstens één pitstop te maken ten behoeve van een eventuele rijderwissel. Deze pitstop dient minimaal 60 seconden te duren. De tijd voor deze pitstop wordt vermeerderd met de tijd voor het in- en uitrijden van de pitstraat. Deze totaaltijd wordt elektronisch gecontroleerd met behulp van de lussen bij de in- en uitgang van de pitstraat. Per evenement wordt via een bulletin de juiste totaaltijd vermeld.

Een wagen behoeft dus niet exact 60 seconden stil te staan maar dient zich de minimale tijd tussen de lussen te bevinden. Deze tijd voor de pitstop wordt in voorkomende gevallen nog vermeerderd met de tijd van de resultaatseconden. Bij het in- en uitrijden van de pitstraat dient zoveel mogelijk de maximaal toelaatbare snelheid, doorgaans 60km/u, te worden aangehouden. Indien door te langzaam wegrijden andere deelnemers worden opgehouden kan de wedstrijdleider een straf opleggen wegens het hinderen van andere deelnemers. De verplichte stop ten behoeve van een eventuele rijderwissel bij een race van 60 minuten moet:

1. Aangevangen worden tussen de:

a. 20 e en 30 e minuut na de start van de race voor de SuperSport 2 & Sport

b. 30 e en 40 e minuut na de start van de race voor de SuperSport 1 & GT.

2. Bij aankomst en vertrek moet de rijder volledig ingesnoerd zijn in de gordels.

Gedurende een safety-car situatie is het binnenrijden van de pitstraat voor de reglementaire 60 seconden stop toegestaan.

De verschillende strafseconden tijdens de verplichte pitstop
Rijders die na afloop van een wedstrijd voor het kampioenschap volgens de voorlopige uitslag bij de eerste drie zijn geklasseerd krijgen volgens de onderstaande tabel resultaatseconden toegewezen. Deze seconden komen bovenop de na de vorige race toegewezen seconden en worden opgeteld bij de 60 seconden welke er zijn voor de verplichte pitstop. De resultaatseconden gelden voor de eerstvolgende wedstrijd.

1e plaats = plus 15 seconden
2e plaats = plus 10 seconden
3e plaats = plus 5 seconden
4e plaats = min 5 seconden
5e plaats = min 10 seconden
6e plaats of lager = min 15 seconden

Eventuele wijzigingen in de uitslag door protesten of straffen hebben geen invloed op de toewijzing. De resultaatseconden zijn aan de (gast)rijder verbonden. De seconden blijven ook behouden als gedurende het seizoen de rijder van auto (type) wisselt. De organisatie bepaalt ook de eventuele toewijzing van resultaatseconden voor gastrijders afhankelijk van de stand in het kampioenschap en zijn of haar resultaten in andere kampioenschappen. In het geval van twee rijders met verschillende resultaatseconden in één auto geldt het hoogste aantal resultaatseconden.

Voor het vaststellen van het minimum wagengewicht is een tolerantie van maximaal 2kg van toepassing op de door de organisatie gebruikte weegschaal aangegeven waarde. Het hieruit voortvloeiende resultaat is bindend en definitief.

  • Aankondiging van een nieuwe Nationale autorace klasse in Nederland:  De Ford Fiesta Sprint Cup!

    24-11 Aankondiging van een nieuwe Nationale autorace klasse in ...

  • Mooie strijd in laatste race van het seizoen / Febo Racing pakt kampioenschap

    22-10 Mooie strijd in laatste race van het seizoen / Febo Racin ...

  • Daniel en Henk de Jong winnen laatste race van de GT & Prototype Challenge

    22-10 Daniel en Henk de Jong winnen laatste race van de GT & Pr ...

  • Adriaenssens overwint in typisch Eiffel regenweer

    6-10 Adriaenssens overwint in typisch Eiffel regenweer

  • Overwinning voor Meijer op Spa-Francorchamps

    5-10 Overwinning voor Meijer op Spa-Francorchamps

  • Febo Racing pakt leiding in het kampioenschap

    5-10 Febo Racing pakt leiding in het kampioenschap

Jaarboek 2014